Nummer 2 van CardPlayer Nederland ligt sinds deze week in de winkel. In deze editie onder meer interviews met Jorn 'jornx' Walthaus, Daan Ruiter en Daniel Negreanu. Verder strategie artikelen van onder meer Julien Nijten, Matt Lessinger en Ed Miller.
Je kunt via PokerCollege een abonnement op dit tijdschrift afsluiten. Mail hiervoor naar abonnement@cardplayernederland.nl. Voor €25 krijg je zes nummers thuisgestuurd.
Zoals altijd levert onze eigen Peter Dalhuijsen ook weer een bijdrage. Deze keer een strategisch artikel: hoe ga je om met 'flop komt' verhalen?
“Flop komt…”
Wanneer iemand net met pech een pokertoernooi uit is gevlogen, zal een empathisch onderlegde pokercollega vaak uit beleefdheid vragen wat er gebeurde. Wat hij dan krijgt te horen, is wat in de volksmond een ‘bad beat verhaal’ heet. Of, omdat de kern van het verhaal meestal wordt ingeleid met de woorden “flop komt…”, noemen Nederlandse spelers het ook wel een ‘flop komt verhaal’.
De luisteraar is natuurlijk nooit écht geïnteresseerd, want als je al een aantal jaar pokert, heb je alles al meerdere keren meegemaakt en langs zien komen, en kan het zoveelste pech-handje je simpelweg niet boeien. Dat hoort nou eenmaal bij het spel. Als je daar niet tegen kunt, moet je echt iets anders gaan doen. Zo simpel is het.
 Mike Sexton en Dewey Tomko
Het onderwerp van een ‘flop komt’ verhaal - de bad beat in kwestie - is ook vaak een mooie graadmeter voor iemands pokerervaring. Iemand die stampvoetend en met een rood hoofd staat te vertellen dat hij het niet kan geloven dat hij zijn aas-tien van koning-vrouw heeft verloren, draait duidelijk nog niet zo lang mee.
Als iemand zich daarentegen van tevoren verontschuldigt, omdat hij toch nog even snel ‘één geinig handje’ wil vertellen, en dan vervolgens lachend meldt dat hij uit het toernooi vloog doordat hij met zijn geflopte nut full house koningen all-in was tegen top pair, maar tegen running negens aanliep en daardoor verloor van aas-hoog, dan weet je dat je met een professional van doen hebt.
Hoe dan ook, het kan niemand wat schelen, zo’n klaagzang. Toch moeten spelers altijd even hun ‘flop komt’ verhaal kwijt. Maar waarom eigenlijk? Zijn ze op zoek naar sympathie of medelijden voor het onrecht wat ze is aangedaan, of willen ze erkenning voor hun goede spel? Dat zullen ze helaas niet krijgen, want de luisteraars zijn vaak zelf nog aan het spelen, of liggen zelf ook al uit het toernooi. In beide gevallen is er geen interesse, want ze hebben hun hoofd bij hun eigen spel en zijn ze er in de meeste gevallen zelfs blij om dat er weer een tegenstander uit is gevlogen. Hoe gruwelijker, hoe beter zelfs.
Willen ze misschien advies hoe ze de hand anders hadden kunnen spelen, zonder al hun fiches te verliezen? Ik denk niet dat ze dat op dat moment willen horen, maar bovendien zijn er maar weinig pokerspelers die bereid zijn om van hun directe concurrenten betere spelers te maken.
Dus waarom dan wel? Niemand heeft tot op heden dit vraagstuk op kunnen lossen.
Als je gefrustreerd bent over je uitschakeling, kun je beter even tegen een muur aanschoppen en het daarna op een drinken zetten, dan val je daar andere mensen tenminste niet mee lastig. Sympathie zul je bij je pokercollega’s in ieder geval niet vinden.
Wanneer je zelf even je verhaal kwijt moet, zorg dan dat het niet langer dan een paar seconden duurt, of beperk het tot een kort maar krachtig “ace king no good”. Het is in ieder geval essentieel om dit proces voor beide partijen zo pijnloos mogelijk te laten verlopen. Dan kan de luisteraar het net aanhoren zonder geïrriteerd te raken, en hoeft hij niet over te schakelen op andere middelen om dit incasseren te beëindigen.
Het wordt ook erg op prijs gesteld als je van tevoren even je excuses aanbiedt. Hiermee toon je begrip voor de non-interesse bij je slachtoffer en wordt dat vaak beantwoord door een minimaal half luisterend oor. In ieder geval voor een seconde of tien.
 "Ik heb een hand, die wat ken floppe..."
Mocht je wel te lang aan het klagen zijn, dan kun je vaak rekenen op subtiele signalen, die aangeven dat de interesse op is. Let hierop en rond dan snel af, om te voorkomen dat je kwaad bloed zet. Je luisteraar maakt geen oogcontact meer, maar begint in zijn directe omgeving of op de grond naar redenen te zoeken om het gesprek te kunnen beëindigen, pakt zijn telefoon in de hoop een SMS te hebben ontvangen, draait zijn lichaam van je af, kijkt eens op zijn horloge of het niet al de hoogste tijd is voor een smoes, of uit een aantal keer een ongeduldig “hmm, ja”.
Sommige pokerspelers zijn minder subtiel en zullen dezelfde boodschap overbrengen, door je in je gezicht te vertellen dat het ze werkelijk waar niets interesseert, of door gewoon weg te lopen. Hoewel ik dit altijd vrij komisch vind om te zien, is dit vaak vrij pijnlijk, terwijl het eenvoudig voorkomen had kunnen worden.
Als pokerspeler hoor je goed te zijn in het oppikken van dit soort subtiele signalen, in taalgebruik en lichaamstaal, dus ik zeg, hou ook na je toernooi die radar open, dan voorkom je een hoop nare sociale situaties, door te weten wanneer men niet meer geïnteresseerd is.
Je wilt niet de speler zijn waarbij iedereen al bij voorbaat wegloopt, wanneer je naar je pokercollega’s aan de bar komt afgestapt. Daar zijn er helaas al meer dan genoeg van en ik kan je vertellen, dat is geen prettig gezicht.
Maar hoe ga je daar nu zelf mee om, wanneer jij uit wordt gekozen als ontvanger van zo’n pechmonoloog? Als je gezellig aan de bar staat nadat je uit een toernooi bent gevlogen, is de zoveelste klaagzang over aas-koning wel het laatste waar je behoefte aan hebt. Je doet net alsof je aandachtig luistert, terwijl je bij de woorden “flop komt” al bent afgehaakt, en ondertussen aan het bedenken bent hoe laat het toernooi van morgen begint. In ieder geval hoop je dat deze ellende zo snel mogelijk ophoudt.
Niet luisteren is dus een prima oplossing. Dat de klagende speler stil is gevallen en je vragend aankijkt, is meestal een indicatie dat het verhaal klaar is, en kun je hem met een eenvoudig “doodziek man, jammer” weer zijn weg laten vervolgen, op zoek naar een volgend onvrijwillig oor. Helaas is dit slechts symptoombestrijding en zul je dit dan een volgende keer weer moeten ondergaan.
Kijk ook uit dat je niet uit beleefdheid te geïnteresseerd overkomt, want voor je het weet sta je een tientallen minuten durende monoloog aan te horen over ‘bizarre’ danwel ‘zieke’ handen. En met een beetje pech krijg je dan niet alleen een samenvatting van het hele toernooi, maar ook nog een verhandeling over andere pechmomenten uit het verleden, die bij sommigen wel angstig ver terug kunnen voeren.
Nee, dit probleem moet bij de bron worden aangepakt.

Ben je zelf te vaak slachtoffer, dan is dit ook vrij eenvoudig te verhelpen. Zodra de man bijna klaar is met zijn verhaal, moet je er snel bij zijn om hem te onderbreken, voordat hij met een nieuwe begint. Als je een van de weinigen bent die braaf luistert, kun je namelijk nog wel meer verhalen verwachten, want dat soort mensen zijn moeilijk te vinden. Breek het dus tijdig af. Vertel hem vervolgens dat hij zijn hand op elke straat volledig achterstevoren heeft gespeeld. Neem elk detail onder de loep en stel hem vooral heel veel vervelende vragen, waarin hij zijn acties moet verantwoorden. Dit kan vooral heel leuk worden als jouw ‘adviezen’ kant noch wal raken. Trek zijn acties in twijfel door te stellen dat je pocket azen in dat soort situaties prima voor de flop weg kunt leggen, of dat hij zijn full house heus wel twee keer kon checken, omdat hij nu de pot alweer onnodig opblaast en daarmee het onheil over zichzelf heeft afgeroepen. Vraag hem waarom hij op de flop 2.200 heeft gezet, in plaats van 2.100. Of hij wel doorheeft hoe zijn tegenstander daardoor nu alles anders interpreteert en dat dat toch echt hele primaire zaken zijn, waarvan je teleurgesteld bent dat hij die niet beheerst.
Het is uiteraard zeer belangrijk om de man te laten geloven dat je dit meent.
Je bent dan een lastige klant. Op zijn beurt zat hij hier niet op te wachten. Dit zal als bijzonder wenselijk effect hebben dat hij nooit meer een ‘flop komt’ verhaal aan jou zal komen vertellen… hopelijk.
En zo niet, wel, dan valt er in ieder geval nog wat te lachen.
Peter Dalhuijsen
|